Home Suriname Herinneringen aan prof. mr. dr. Walther Röel William Donner

Herinneringen aan prof. mr. dr. Walther Röel William Donner

18
0
herinneringen-aan-prof-mr-dr.-walther-roel-william-donner

foto

Don Walther en Carlo Jadnanansing tijdens de presentatie

van Switi Sranan in de B.S. Het Park (2019)


(9 december 1929- 1 september 2022)

Hoewel ik reeds decennia geleden kennisgemaakt had met Don Walther (D.W.) zoals ik hem placht te noemen, is het persoonlijk en vriendschappelijk contact met hem van veel recentere datum. Robby (Rappa) Parabirsing vertelde mij destijds dat hij tijdens het bezoek aan D.W. de hand had weten te leggen op een manuscript dat door laatstgenoemde gedeponeerd was in zijn vuilnisbak. Nadat hij het document vluchtig had bekeken, wist hij dat hij een juweel van de ondergang had weten te redden. Na enige aarzeling gaf D.W. toestemming aan Rappa om te beginnen met het redigeren van wat later zijn zoveelste roman zou zijn: Boete zonder schuld. In een bijeenkomst van de Sociëteit Republiek Suriname (SORES) vond de boekpresentatie plaats op 11 maart 2015 in Solei te Paramaribo.

D.W. was toen reeds 85 jaar oud. SORES greep de gelegenheid aan om de auteur tevens te huldigen voor zijn gehele omvangrijke oeuvre. Voor zover bekend is het de eerste keer geweest dat D.W. die waarschijnlijk de meest productieve Surinaamse schrijver is geweest met publicaties in verschillende talen, een prijs gekregen heeft. Evenals vele van zijn geschriften is ook Boete zonder schuld voor een gedeelte autobiografisch. De hoofdpersoon die het tot minister geschopt heeft, was in zijn jeugdjaren ten onrechte veroordeeld. Dit was echter niet bekend, totdat het noodlot toeslaat en de hoofdfiguur gedwongen wordt als minister af te treden. D.W. laat zien dat wraakzucht, jaloezie, afgunst, hebzucht en eigenbelang het eeuwige erfgoed zijn van de mensheid.

Na de boekpresentatie nemen drie bewonderaars van D.W. te weten Deryck Ferrier, Robby Parabirsing en Carlo Jadnanansing het initiatief om de Stichting Don Walther Fonds (SDWF) op te richten. Dat gebeurt op 15 januari 2016. De bedoeling van de stichting is het werk van D.W. voortgang te doen vinden. Op verzoek van D.W. werd direct na de oprichting de eerste Donner Schrijfwedstrijd gehouden. Vermeldenswaard is dat D.W. alle kosten hiervoor voor zijn rekening heeft genomen en deze betaald heeft uit zijn pensioen, zijn enige inkomen en vermogen. Hierna is in samenwerking met Self Reliance (SR) ook een tweede Donner/SR Schrijfwedstrijd georganiseerd, terwijl een derde in voorbereiding is.

Het streven van D.W. om de lees- en schrijfvaardigheid vooral onder de jongeren te bevorderen, heeft wortel geschoten.  

Het SDWF is erin geslaagd nog twee eerder uitgegeven werken opnieuw uit te brengen, Switi Sranan (2019) en De Politici (2020). De presentatie van Switi Sranan vond op 14 juli 2019 in de B.S. Het Park op ludieke wijze plaats d.m.v. sketches. D.W. was daarbij persoonlijk aanwezig en heeft er zichtbaar van genoten. De verhalen spelen zich af in de Gongrijpstraat, waar D.W. zijn jeugdjaren heeft doorgebracht.

Zelfs een kritische recensent als Michiel van Kempen (Een geschiedenis van de Surinaamse literatuur) heeft lovende woorden voor dit boekwerk. Laatstgenoemde zegt dat D.W. heel wat informatie voor de historie heeft vastgelegd over gebruiken en zaken die vaak verdwenen zijn en zich daarmee geschaard heeft in een oude traditie van goed vertellende chroniqueurs.

Naar mijn mening is De Politici van tenminste even groot belang voor de Surinaamse historie omdat daarin, zonder dat expliciet te benoemen, de opkomst en ondergang van Jopie Pengel wordt beschreven. Het is de bedoeling van het SDWF dat ook het tweede deel van De Politici dat handelt over de figuur Jack Lalbahadursing (Jagernath Lachmon) opnieuw wordt uitgegeven. Persoonlijk vind ik dat dit deel tot het beste behoort dat D.W. geschreven heeft en ik heb er daarom ook een uitgebreide recensie aan gewijd.

D.W. was een kosmopoliet. Hij is in Suriname geboren, maar op jeugdige leeftijd vertrokken eerst naar Aruba (1947), daarna naar Nederland, waar hij zijn studie in de economie afrondt en tevens begint met zijn rechtenstudie, maar vertrekt daarna naar Curaçao, alwaar hij zijn rechtenstudie afrondt. Hij promoveert in 1961 in de economie. In 1963 moedigt zijn goede vriend Jules Sedney hem aan om naar Suriname te komen, waar hij op het ministerie van Economische zaken tewerkgesteld wordt. Hij verandert van baan en gaat naar het Ministerie van LVV, waar ook Deryck Ferrier werkzaam is. In deze tijd werkt hij ook aan de oprichting van de Universiteit van Suriname (1968) waar hij ook hoogleraar wordt aan de Juridische Faculteit.

In 1972 keert hij terug naar Nederland, waar hij eerst docent is en lid wordt van de VVD. Hij treedt in Nederlandse overheidsdienst en wordt uitgezonden naar Barbados met als belangrijkste opdracht uitleg te geven over de EEG. Daarna verhuist hij naar Miami en uiteindelijk Costa Rica, waar hij ongeveer acht jaar blijft wonen en werken. In deze tijd heeft hij ook boeken geschreven in het Engels en Spaans.

Persoonlijk vertelde hij mij dat hij in Costa Rica en het Caribisch gebied meer bekendheid geniet dan in Suriname. Op Costa Rica wordt hij ook actief als vrijmetselaar. Na zijn pensionering gaat hij terug naar Nederland. Vanaf 2003 woonde hij in Suriname in Huize Margriet. Het was niet zijn bedoeling in Suriname te blijven wonen, maar om gezondheidsredenen, het tropische klimaat was daar beter voor, nam hij deze beslissing. De prijs hiervoor was echter hoog. Zijn wederhelft weigerde zich in Suriname te vestigen.

Zijn gezondheidstoestand verslechterde de laatste jaren steeds meer. Hoewel hij mentaal tot op het laatste moment helder was, nam zijn fysieke conditie steeds meer af. Desondanks verdween zijn groot gevoel voor humor en zelfspot niet. Opvallend was ook zijn grote belangstelling voor het hindoeïsme. Zijn exemplaar van de Bhagavad Gita lag altijd gewikkeld in een doek op zijn tafel.

Zijn wens om opgeroepen te worden door de Opperbouwmeester is uiteindelijk verhoord.

Aan Steven Coutinho, zijn zoon die ik persoonlijk ken, en de overige nabestaanden betuig ik mijn oprechte deelneming.

Moge zijn ziel de eeuwige vrede ten deel vallen!

Carlo Jadnanansing