Home Suriname Saya nanga Chan faya

Saya nanga Chan faya

23
0
saya-nanga-chan-faya

foto


(Ingezonden)

Het is niet te hopen dat Saya als een voodoo-pop Chan zal blijven achtervolgen tot de komende verkiezingen. Van alle politieke FB-entertainers in het geplaagde Chan/Bravo tijdperk vind ik Saya toch nog de ‘sympathiekste’. Eigenlijk tot het moment dat ik hem likkebaardend stapels Amerikaanse dollars in bed zag aanbidden.

Toegegeven, Chan weet zijn vrienden wel te kiezen. Welke relatie Saya ook mocht hebben met andere politici, hij steekt het niet onder stoelen of banken dat hij met de voorzitter van de oranje partij toch een heel speciale relatie heeft. Nou gun ik Chan dat best wel, want op dit moment heeft hij echt behoefte aan echte vrienden. Geen zogenaamde vrienden die via allerlei commissies en raden onbeschaamd onze schaarse dollars opstrijken zoals vriend Prenobe. Vrienden die de onkreukbaarheid en geloofwaardigheid van Chan sneller dan gedacht beneden het nulpunt brengen.

En de 176 Haïtianen? Ook die gun ik het allerbeste verblijf toe in ons land. Per slot van rekening verlaat niemand zijn vaderland gewoon voor zijn plezier. Als er één volk op aarde is dat ondanks alles… en nogmaals alles in zichzelf blijft geloven zijn dat wel de Haïtianen. En als wij ze daarbij een handje moeten helpen, moet dat maar. Het liefst dan zonder Saya. Want toen de Chan-Haiti-Saya triangle bij deze ‘plotselinge’ migratie zichtbaar werd, geloofde niemand meer in “normale verblijfsprocedures en garantstellingen”. Daarom kreeg ik snel de gedachte van, legaliseer de hele handel maar, want dan valt er ook niets te verdienen voor de (mensen) smokkelaars! Het moet niet verwonderen dat de Fransen nu al met geslepen bajonetten zitten uit te kijken naar ‘illegale’ Haïtianen. Zij hebben hun les geleerd.

En wij? Prins Albert werd weer eens van stal gehaald om haarfijn uit te leggen dat deze groep voornamelijk is gehaald voor specifieke agrarische projecten zodat wij onze productiviteit kunnen opvoeren. En dit is simpelweg niet mogelijk met onze lokale luilakken! Hier is er bijna geen speld tussen te krijgen en daar gaat het dus niet om zou je zeggen. Waar het wel om gaat is het uitstippelen van migratiebeleid dat realistisch, toekomstgericht en vooral transparant is. Het is toch normaal en wenselijk dat elke samenleving zich de vraag moet stellen wie welkom is en wie zich tijdelijk of duurzaam mag vestigen? Aan wie zal onder welke voorwaarden het Surinamerschap worden verleend? Zo voorkom je dat elke migratiebeweging nationaal en internationaal met argusogen wordt gevolgd. Bekijk migratie als een kans en niet als een probleem zeg ik altijd. Werk te over voor Albert na al dat geblunder!

Wie intussen nog wat vuurwerk verwacht van de presidentiële onderzoekscommissie van de Haïtiaanse ‘covid-vlucht’ een jaar geleden, mag gerust een retourtje Paramaribo-Port Au Prince boeken. Saya zal ik in elk geval blijven volgen. Alleen al omdat het hem toch aardig lukt zijn Franse tongval meesterlijk in het Sranantongo en Nederlands om te zetten. Voor mensen die extra hun best doen zich in onze taal verstaanbaar te maken heb ik altijd bewondering. Dat geldt voor Chinezen, Brazilianen, Guyanezen en natuurlijk ook Haïtianen. Dat scheelt communicatief ook aardig in de vriendschap Chan/Saya. Niet dat ik jaloers ben op deze bijzondere vriendschapsrelatie, oh neen. Ik probeer alleen het gezegde te onderdrukken dat luidt: zeg me wie je vrienden zijn, dan zeg ik wie je bent.

Raymond S.Sapoen