Home Suriname Column: Politieke Borrelpraat no. 719

Column: Politieke Borrelpraat no. 719

18
0
column:-politieke-borrelpraat-no.-719

foto


“Weten jullie waar ik al een tijdje de pest in heb?”

“Dat het een gezellige chaos is bij de burgerlijke stand aan de Coppelachmonstraat?”

“Ach nee, dat zal zo blijven zolang men voor alle wissewasjes dat stomme uittreksel verplicht stelt. Nee, ik erger me aan beleidvoerders die steeds zeggen: ‘Ik wil zus, ik wil zo.”

“Waarom erger je daaraan? Waarom mogen ze niet zeggen wat ze willen?”

“Kijk, het kan me in feite geen fluit schelen wat ze willen; wat me interesseert is wat ze doen, wat ze uitvoeren, wat ze ten goede voor de samenleving presteren, daarvoor worden ze riant betaald, niet om na twee jaren nog steeds rond te kraaien wat ze willen en niet willen.”

°Ik vind het wel goed dat grond- en huizenbezitters een boete krijgen als ze hun bezit verwaarlozen.”

“Slap gedoe. De staat maakt voor je schoon en hoogt op en als je je schuld met 10% rente per maand niet kan of wil betalen, wordt je grond na een jaar door de overheid op de veiling geplaatst en na aftrek van de schuld aan de staat, wordt de rest op een rekening bij de Centrale Bank geparkeerd.”

“Ik wil dat zien gebeuren. Dat is tenminste beleid met hoofdletter B en geen blablabla kool en de geit sparen. Klari. Dan ga je zien hoe snel al die verwaarloosde troep in onze stad verdwijnt.”

“Dat is dictatoriaal.”

“Dat is orde en tucht en geen free for all.”

“Daarom is de huishouding van dit land op velerlei gebied als een bacovenwinkel zonder deur en dak.”

“Door te zeggen wat ze willen, denken beleid uitvoerders misschien dat ze de mensen, het volk, kunnen overtuigen hoe goed ze bezig zijn beleid uit te voeren.”

“Voor mij is dat ‘ik wil dit’ en ‘ik wil dat’ maar een kinderlijke manier om te dwingen. Jullie weten toch: kinderen die willen, krijgen op hun billen.”

“Ja, dat kreeg je als kind van de volwassenen te horen als je zat te zeuren: ‘ik wil een ijsje, ik wil een taartje, ik wil een kakaston.”

“En een andere uitspraak is dat ze allemaal ‘STRUCTURELE oplossingen’ willen. Maar het enige wat we zien gebeuren, is lap lapu, gaten dichtplakken, body filler zetten, water wegpompen.”

“Ai, kijk maar naar de STVS, sinds jaar en dag loopt daar onder; tot nu toe: soso laplapu, anti-structurele oplossingen.”

“Ik wil een structurele oplossing voor de wateroverlast van de STVS en omgeving.”

“Hebben jullie dat goede artikel van Edmund gelezen, die ons met duidelijke berekeningen met de Neus op de feiten drukt?”

“Welk artikel?”

“Over Waterbeheer van het stuwmeer op Sterrennieuws van 15 juni. Ik vind zijn einduitspraak toch zo goed.”

“Welke uitspraak?”

“Hij stelt dat wij straks al gauw 200.000,- US$ gaan betalen aan een buitenlandse consultant om onze problemen NIET op te lossen, in dit geval de wateroverlast rond het stuwmeer.”

“Klopt, steeds aanbidden wij duurbetaalde buitenlandse ‘deskundigen’, omdat we onze eigen deskundigen miskennen en die niet geloven, terwijl ze voor bijna gratis hetzelfde berekenen en concluderen.”

“En wat ik ook uit dat artikel van Edmund haalde, is dat het stuwmeer te snel volliep, omdat door achterstallig onderhoud bij het grote schakelcentrum te Menckendam waar die Paranamstroom binnenkomt, niet de volledige stroom van zes generatoren kan worden verwerkt, maar waarschijnlijk van hooguit 4 generatoren.”

“Wat zeg je me daar? Dus de dam draait op minder generatoren omdat door mismanagement de trafo’s enzo te Menckendam geen hogere stroomstoot van de dam kunnen verwerken?”

“Klopt, dat concludeer ik uit Edmunds berekeningen. Met alle zes generatoren full speed draaiend, was de hoge waterstand in het stuwmeer tijdig binnen een week weggewerkt en dan hoefden de spuisluizen misschien niet eens open, of maar een beetje open te gaan.”

“En hoe komt het dat de EBS al jaren een achterstallig onderhoud van Menckendam heeft?”

“Vraag dat aan die knapkoppen met luxe salarissen bij ons Energiebedrijf. Misschien hoor je van die lawsie argumenten, zoals ‘dat komt door een awari in een hoogspanningsmast.”

“Maar het zeewater stijgt elk jaar met een paar millimeter, in tien jaar is dat een paar centimeter.”

“Dat klopt. Maar hoe blijven woon- en landbouwgebieden met miljoenen mensen die al eeuwen onder de zeespiegel liggen, desondanks tot nu toe redelijk droog?”

“Omdat ze niet, zoals de stommelingen alhier hebben gedaan, al hun grachten en afvoerkanalen zijn gaan dempen met kokers die na een tijdje verzanden.”

“Wat bedoelt u meester?”

“Die bakra’s hebben een redelijk goed afwateringssysteem voor Paramaribo achtergelaten met open grachten. We moesten die alleen maar verbreden en wat uitdiepen als er stadsuitbreidingen plaatsvonden. Maar nee, we zijn ze uit gemakzucht gaan dempen, mooi terreinwinst.”

“Welke grachten, zoal meester?”

“Drambrandersgracht, Limesgracht, Knuffelsgracht, Steenbakkersgracht.”

“En de nog overgebleven grachten en afvoerkreken, zoals de Van Sommelsdijckse kreek lijken meer op mini-jungles, zo zwaar begroeid zijn ze.”

“Ik wil een structurele oplossing voor dit probleem.”

“Ja, mooi, zie bijvoorbeeld het Overeemkanaal dat vanaf de Zonnebloemstraat langs de Paschalisschool en Lyco 1 naar de Watertorenkant loopt, die verdwijnt onder die mooie parkeerplaats van de SWM en de bocht waar de Wanicastraat begint.”

“Klopt, dat water van het Overeemkanaal kan niet snel wegstromen, dus alle woningen in de buurt daarachter lopen bij zware regens onder.”

“En als je die rommel ziet die in dit kanaal drijft, mijn goede hemel, soso dengue, sikoengoenia, malaria, Covid, bilharsia, filaria…”

“Ik wil een structurele oplossing voor dit probleem.”

“En daar bij die rotonde bij het Academisch Ziekenhuis moet er ook een soort pompgemaal zijn, maar werkt dat ding wel? Steeds loopt de omgeving van ons grootste ziekenhuis zeker een halve meter onder water.”

“Ik wil een structurele oplossing voor het onderlopen van het AZ.”

“En ik wil dat alle afvoerkanalen in de droge tijd netjes opgehaald worden en de berm gemaaid wordt, want de wortels van de begroeiing houden de berm vast.”

“En ik wil een toast uitbrengen op alle vaders die hun vaderschap als stille en vaak miskende harde werkers serieus nemen, zonder cadeautjes, bloemen en andere commerciële opsmuk.”

“Ja, daar proosten we op!”

 

Rappa