Home Suriname Minimum uurloon vastgesteld op SRD 20

Minimum uurloon vastgesteld op SRD 20

19
0
minimum-uurloon-vastgesteld-op-srd-20

foto


Het minimum uurloon is door de regeringsraad vastgesteld op SRD 20. Minister Steven Mac Andrew van Arbeid, Werkgelegenheid en Jeugdzaken (AW&J) is ingenomen met het besluit. Hij deelt mee dat de termijn van de Nationale Loonraad is verlengd, zodat ze door kan gaan met haar activiteiten, inclusief de bepaling van het minimum uurloon voor 2023. Mac Andrew benadrukt, dat zowel werkgevers als vakbeweging hun leden in de Nationale Loonraad hebben vervangen en dat de beschikkingen vandaag in orde worden gemaakt. Ravaksur had deze en nog enkele eisen schriftelijk gesteld. Het minimumloon was op 1 maart 2019 vastgesteld op SRD 8.40.

De minister benadrukt, dat er in de afgelopen drie weken meerdere malen overleg is gevoerd met werkgevers en vakbonden om uit de impasse te geraken, waarin de discussie over het minimum uurloon was komen te verkeren. Mac Andrew is zeer tevreden over de constructieve houding, welke de sociale partners hebben tentoon gesteld om tot een oplossing te geraken. Er is wederom bewezen dat dialoog en samenwerking noodzakelijk zijn om de ontwikkelingsproblematiek in Suriname aan te pakken. Mac Andrew geeft aan, dat de president dit gisteren ook heeft benadrukt in de regeringsraad en ministers heeft opgeroepen om in dialoog te blijven met de vakbeweging, meldt de communicatie unit van AW&J.

De minister benadrukt dat de regeringsraad terdege kennis heeft genomen van het resultaat van het overleg in de afgelopen drie weken, namelijk om:

1. Per 1 juni het algemeen minimum uurloon te stellen op SRD 20;

2. Voor de periode 1 juni 2022 tot 31 december 2022 het minimum uurloon voor de sectoren thuiszorg en beveiliging te stellen op SRD 15,49 conform het advies van de Nationale Loonraad; en

3. Binnen zes maanden de wildgroei in de beveiligingssector te reguleren met inachtneming van de vigerende arbeidswetgeving

Mac Andrew laat optekenen dat de regeringsraad zich volkomen bewust was van het feit, dat de minister van AW&J gebonden is aan het advies van de Nationale Loonraad, welke eerder in het jaar omstandig was besproken door de raad. De regeringsraad heeft zich bij het nemen van een beslissing ook heeft laten leiden door Artikel 3 lid 5 van de Wet van 06 september 2019, houdende bepalingen over de vaststelling van het minimumloon (Wet Minimumloon), welke stelt, dat het minimumloon per sector of beroepsgroep nooit minder mag zijn dan het in lid 1 genoemde minimumloon. De bewindsman geeft aan, dat dit artikel heeft gemaakt, dat punt 2 van het resultaat van het overleg met de sociale partners niet gehonoreerd kon worden, omdat er geen lager minimum uurloon dan het algemeen minimum uurloon kan worden vastgesteld. Mac Andrew geeft aan, dat met name de werkgevers hadden gepleit voor een lager minimum uurloon voor de sectoren thuiszorg en beveiliging.