Home Suriname De weg naar een Sociaal Akkoord (slot)

De weg naar een Sociaal Akkoord (slot)

23
0
de-weg-naar-een-sociaal-akkoord-(slot)

foto


In 1986 en 1994 zijn pogingen gedaan om tot een Sociaal Akkoord te komen. Thans staan we aan de vooravond van de derde poging in onze korte geschiedenis. Zal het deze keer wel lukken?

Waarom stijgen prijzen?

De grootste klacht van veel burgers nu is dat de prijzen zijn gestegen. Indien u de voorgaande delen heeft gelezen dan is dat geen nieuwe klacht, maar één die steeds de kop opsteekt wanneer de inflatie hoog is. De prijsstijgingen zijn het beste af te lezen uit de inflatie die elke maand gemeten wordt door het Algemeen Bureau voor de Statistiek via de Consumenten Prijs Index. Prijzen dalen niet zo makkelijk. Prijscontroles helpen wanneer winkeliers te grote winsten willen maken op producten. Maar die controles helpen niet wanneer de winkelier zelf de goederen duurder moet inkopen. De inkoper betaalt een hogere inkoopprijs in SRD wanneer de wisselkoers stijgt of wanneer de prijzen in het buitenland omhoog gaan (import inflatie).

De wisselkoers stijgt wanneer de Centrale Bank er niet in slaagt om die goed te bewaken, met name wanneer zij niet genoeg deviezen heeft om de SRD te verdedigen, maar tevens ongedekt geld aan de overheid leent. Een schaarste aan deviezen betekent dat je meer SRD’s voor een Amerikaanse dollar of euro moet neertellen d.w.z. de wisselkoers stijgt. Wanneer de overheid steeds meer geld uitgeeft dan zij ontvangt d.w.z. een begrotingstekort heeft, dan moet dat gat ergens mee gedicht worden. Dat kan door geld te lenen van de Centrale Bank (monetaire financiering) of van andere banken.

Alle leningen moet je weer terugbetalen en dat leidt tot extra schulden in de vorm van rente en aflossingen d.w.z. de overheid heeft hierdoor weer meer uitgaven en als de inkomsten niet toenemen dan wordt het begrotingstekort steeds groter. Ook heeft de overheid dan steeds meer deviezen nodig om de leningen af te betalen (de meeste leningen worden immers in USD of Euro’s afgesloten). Het probleem van de overheid (te veel leningen, monetaire financiering, begrotingstekort en gebrek aan deviezen) wordt uiteindelijk een probleem voor de burger. Meestal moet de overheid na zo een periode de wisselkoers devalueren, wat ook weer tot prijsstijgingen leidt. Ten eerste leiden al deze zaken tot hogere prijzen, wat de burger in zijn zak voelt en ten tweede gaan meestal de belastingen omhoog, omdat de overheid meer inkomsten nodig heeft om de gestegen uitgaven (m.n. de schulden) te betalen.

Hoge inflatie leidt tot vermindering van de koopkracht

Als de inflatie heel laag is, betekent het dat prijzen vrij stabiel zijn, maar wanneer er veel prijsstijgingen zijn wordt de inflatie hoger en neemt de koopkracht af. De inflatie is dus een indicator voor de burger v.w.b. de prijzen, maar tegelijk geeft het ook een signaal aan de beleidsmakers dat er iets mis is met de economie. De bijgevoegde grafiek laat de inflatie aan het eind van elk jaar zien, vanaf de onafhankelijkheid tot en met eind 2020. De grafiek loopt maar tot 100%, maar in 1993, 1994 en 1999 steeg de inflatie boven de 100%.

 

U kunt zelf zien dat de inflatie in Suriname vijf keer boven de 40% is gestegen nl. in 1987, 1992-1994, 1999-2000, 2016 en 2020. Inflatie volgt meestal op een periode van beleid zoals hierboven is aangegeven (monetaire financiering, gebrek aan deviezen, te veel leningen, te groot begrotingstekort), maar treft uiteindelijk de burger. Hoge inflatie steekt niet de kop op wanneer het beleid één of een paar maanden uit balans is geweest, maar wel wanneer dat een jaar of langer zo is.

Koopkracht

Het plaatje is duidelijk: hoge inflatie betekent dat prijzen gestegen zijn en burgers het in hun zak voelen. Die burgers zoeken naar een oplossing om hun koopkracht te versterken en degenen die werken willen dan een hoger loon. Vakbonden vertalen deze vraag naar de werkgevers (bedrijven en overheid) en in normale omstandigheden vindt er een looncorrectie plaats. Het probleem is echter dat de omstandigheden niet normaal zijn. Vanwege Covid-19 hebben veel bedrijven en ook de overheid (er zijn minder belastinginkomsten wanneer het slecht gaat met de bedrijven) het moeilijk. Daarnaast moeten de oorzaken van de hoge inflatie weggenomen worden d.w.z. geen dure leningen, geen monetaire financiering en geen stijging van de wisselkoers. Als je daar geen rekening mee houdt, kan je in een loon- en prijsspiraal komen die de inflatie alleen maar laat toenemen en de koopkracht verder afneemt (zie ook de analyse van deskundigen). Die situatie hebben wij ook al meegemaakt en de ouderen weten er alles van. De regering kan de geldpers aanzetten en via monetaire financiering iedereen 100% verhoging geven, maar dit leidt onherroepelijk tot hogere inflatie, waarmee je diezelfde burger niet helpt. Een serieuze regering zal de oorzaken moeten aanpakken voor een duurzame oplossing.

De overheid heeft een Herstelplan gemaakt, waarbij beleid is uitgezet om de oorzaken van de hoge inflatie weg te nemen, zodat de komende jaren de economie gezond wordt, de economie weer gaat groeien en de koopkracht hersteld wordt. Afbreken van een woning gaat binnen een paar uur, maar bouwen kost maanden. In de tussentijd is er een Sociaal Vangnet om de moeilijkste periode op te vangen.

Sociaal Akkoord

De wederopbouw van de economie kost dus wat tijd en wanneer dit proces wordt onderbroken door veel stakingen en maatschappelijke onrust zal het nog meer tijd in beslag nemen. Veel burgers begrijpen niet hoe de staatseconomie werkt en dat uitvoeren van beleidsmaatregelen ook tijd kost. Wanneer je een boom plant, heb je niet binnen twee maanden al vruchten. Het gaat niet om de benzineprijs beheersen, dat is symptoombestrijding en leidt tot ad hoc subsidiebeleid wat ten koste zal gaan van andere uitgaven. Het is daarom belangrijk dat de sociale partners, overheid, vakbeweging en bedrijfsleven om tafel gaan zitten om te komen tot een Sociaal Akkoord.

In zijn nieuwjaarstoespraak voor de VES had minister Achaibersing van Financiën & Planning al aangekondigd dat de regering wil komen tot een Sociaal Akkoord. Ook Robby Berenstein, voorzitter van C-47, heeft hiertoe opgeroepen. President Santokhi heeft vaker met de vakbeweging vergaderd en haar opgeroepen een voorstel in te dienen en op 16 juli heeft Ravaksur een voorstel ingediend. De voorstellen daarin gedaan lijken niet onoverkomelijk. Alleen moet bij de gesprekken over oplossingen rekening wordt gehouden dat de inflatie omlaag wordt gebracht, want dat is de beste garantie tegen verarming, en daarom moeten de oorzaken van de hoge inflatie echt worden aangepakt. Om dat goed te doen is overleg tussen vakbeweging en overheid niet voldoende, maar moet het bedrijfsleven er ook bij betrokken worden. Bij een Sociaal Akkoord gaat meestal over koopkrachtversterking, loon-, prijs- en winstbeleid, en daarvoor zijn alle drie sociale partners nodig. Het is te hopen dat deze derde poging wel zal slagen.

Marten Schalkwijk

Literatuur:

Achaibersing, A. (VES nieuwjaarslezing 2021): Financieel-economische uitdagingen in 2021

RAVAKSUR (2021): Voorstel gezamenlijke vakbeweging in Suriname

STUSECO (2021): Alles heeft zijn prijs (Paper Macro Monitor)

De inflatiedata zijn verzameld uit documenten van het ABS, CBvS, IMF en diverse rapporten.