Home Nederland Den Haag geeft opnieuw aanwijzing aan Curaçao: ‘Niet goed voor democratie op...

Den Haag geeft opnieuw aanwijzing aan Curaçao: ‘Niet goed voor democratie op het eiland’

18
0
den-haag-geeft-opnieuw-aanwijzing-aan-curacao:-‘niet-goed-voor-democratie-op-het-eiland’

Nederland bemoeit zich opnieuw met het bestuur op Curaçao. Gisteren werd er vanuit Den Haag een zogenoemde aanwijzing naar Willemstad gestuurd, nadat wederom een Statenvergadering niet was doorgegaan vanwege een boycot van de oppositiepartijen.

Staatssecretaris Knops noemde de maatregel na afloop van de Rijksministerraad nodig, omdat “het parlement willens en wetens door een deel van het parlement buitenspel wordt gezet”. Volgens Knops maakten de oppositiepartijen het de Staten onmogelijk om te functioneren.

Premier Rhuggenaath, die zelf aan de bel trok bij de Rijksministerraad, spreekt in lokale media van “een overwinning van de democratie”. Hij noemt het betreurenswaardig dat de partijen zelf geen oplossing hebben kunnen vinden. “Dat vertegenwoordigers van de bevolking die betaald worden van gemeenschapsgeld zeggen niet te willen meewerken aan de benoeming van een parlementslid, is onacceptabel.”

De coalitie werd eigenlijk gedwongen om beter te luisteren en dat hebben ze niet gedaan.

Oud-minister voor Gezondheid en Sociale Zaken Stanley Bodok, die zichzelf nu meer een ‘bezorgde Koninkrijksburger’ noemt, denkt daar heel anders over. Volgens hem helpt de harde hand van Nederland de democratie op het eiland niet vooruit. Hij heeft wel begrip voor de onvrede van de oppositie. “De coalitie heeft de oppositie in feite juist buitenspel gezet door niet naar ze te luisteren. En nu zeggen de oppositiepartijen: wij accepteren dit niet, we zijn het er niet mee eens.”

Boycot

De boycot van de oppositie begon enkele weken geleden toen een parlementslid van regeringspartij PAR uit de Staten stapte en de coalitie tijdelijk geen meerderheid meer had. Van de 21 zetels waren er op dat moment twintig bezet, gelijk verdeeld over oppositie en coalitie.

De installatie van een nieuw Statenlid kan alleen gebeuren bij aanwezigheid van een meerderheid van het parlement. Door het wegblijven van de oppositie nu, is die meerderheid er niet.

De onvrede bij de grootste oppositiepartijen Movementu Futuro Kòrsou (MFK) en Movementu Progresivo (MP) zit hem erin dat ze zich in grote lijnen respectloos behandeld voelen. Dat ligt volgens oud-minister Bodok onder meer aan het feit dat de coalitie oppositiepartijen heeft omzeild bij het maken van beleid met Nederland.

Dat pleit de oppositiepartijen overigens niet vrij, zegt Bodok. “Die krijgen wel degelijk informatie tot hun beschikking, maar daar doen ze dan te weinig mee. Terwijl ze vervolgens wel klagen dat de regering geen informatie met ze deelt.”

Andere oplossingen

Statenvoorzitter Ana-Maria Pauletta (PAR) zegt dat er juridisch advies is ingewonnen om te onderzoeken of er andere opties waren dan de Nederlandse regering in te schakelen. Maar volgens Pauletta was er geen andere oplossing mogelijk. Ze noemt de aanwijzing van Nederland “een schande voor Curaçao, maar noodzakelijk”.

Bodok is het daar niet mee eens. “Je moet alle Curaçaose mogelijkheden echt hebben onderzocht, voordat je aan de bel trekt bij de Rijksministerraad. Ik ben er bijna zeker van dat niet alles is onderzocht, want dan had de coalitie kunnen concluderen dat ze een deel van het probleem is. Denk aan bijvoorbeeld bemiddeling.”

Het functioneren van de democratie op Curaçao is een ernstig probleem.

De aanwijzing doet volgens Bodok dan ook meer meer kwaad dan goed. “Zonder een diepgaande poging om beide partijen goed te begrijpen hou je een vicieuze cirkel in stand”, zegt hij. “Over een paar weken zijn er verkiezingen, dan zijn er misschien nieuwe partijen aan de macht die elkaar op dezelfde manier gaan behandelen.”

Bodok denkt dat nieuwe verkiezingen, die op 19 maart zijn, de structurele problemen niet zullen oplossen. Hij noemt het functioneren van de democratie op het eiland een ernstig probleem. “Een nieuw parlement lost dat niet op, mits een drastische en waarschijnlijk moeizame bestuurscultuurombuiging wordt bewerkstelligd. Een ombuiging die ertoe leidt dat Statenleden behoorlijk functioneren, respect eisen en gerespecteerd worden door gezagsdragers.”

Zowel de Rijksministerraad als premier Rhuggenaath reageert op symptomen, zegt de oud-minister. “Hoe kan het anders dat jaarrekeningen of rapporten van de Algemene Rekenkamer niet of te laat worden behandeld of dat vragen van het parlement structureel onbeantwoord blijven? En dit allemaal zonder consequenties voor ministers? Dit spreekt boekdelen over het democratisch gehalte van het openbaar bestuur van Curaçao.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here